Ondersteuning op Lyceum Ypenburg


Dit hoofdstuk beschrijft welke begeleiding en ondersteuning leerlingen op Lyceum Ypenburg kunnen krijgen, hoe zij ondersteuning aanvragen en waar de grenzen van onze mogelijkheden liggen. Het aanbod geldt voor schooljaar 2026-2027. Welke ondersteuning passend en uitvoerbaar is, hangt altijd af van de behoefte van de leerling én van de concrete klas- en schoolsituatie.



Ons uitgangspunt

Begeleiding en ondersteuning horen bij goed onderwijs. Docenten en mentoren volgen de ontwikkeling, resultaten, aanwezigheid en het welbevinden van leerlingen. Zij signaleren wanneer extra hulp nodig is. We organiseren ondersteuning zo dicht mogelijk bij de leerling en in aansluiting op de lessen. Leerling, ouders en school werken daarbij samen en spreken duidelijk af wie wat doet.

Kansengelijkheid betekent voor ons niet dat iedere leerling hetzelfde krijgt. Als een leerling aanpassingen nodig heeft om aan het onderwijs deel te nemen, onderzoeken we welke redelijke en passende aanpassingen mogelijk zijn. Lyceum Ypenburg is echter een reguliere school voor mavo, havo, atheneum en gymnasium. Er zijn grenzen aan de ondersteuning die wij kunnen bieden. Daardoor kunnen wij niet aan iedere ondersteuningsbehoefte voldoen.



Basisondersteuning

De basisondersteuning op Lyceum Ypenburg bestaat uit:

  • een veilig en voorspelbaar pedagogisch klimaat met duidelijke school- en klassenafspraken;
  • sterke lessen met duidelijke instructie, feedback en aandacht voor verschillen tussen leerlingen;
  • een mentor als eerste aanspreekpunt voor leerling en ouders;
  • het systematisch volgen van leerresultaten, aanwezigheid, gedrag en welbevinden;
  • het vroegtijdig signaleren en bespreken van vragen over leren, ontwikkeling en sociaal-emotioneel functioneren;
  • ondersteuning bij studievaardigheden, plannen, organiseren en leren leren;
  • redelijke aanpassingen en toegestane faciliteiten bij een aantoonbare ondersteuningsbehoefte;
  • overleg met leerling en ouders en, als dat nodig is, afstemming met deskundigen en externe partners;
  • een zorgvuldige overdracht bij instroom, doorstroom en uitstroom, waarbij bekende ondersteuningsbehoeften tijdig worden geïnventariseerd;
  • BLY-lessen in de onderbouw voor een aantal vakken en vaardigheden.

De volledige regionale omschrijving van de basisondersteuning staat in het Ondersteuningsplan 2025-2029 van Samenwerkingsverband Zuid-Holland West. Bij verschillen tussen de schoolgids en dit ondersteuningsplan is het actuele regionale ondersteuningsplan leidend.



De mentor en de ondersteuningsroute

De mentor is het eerste aanspreekpunt voor leerlingen en ouders. De mentor bespreekt met de leerling wat er speelt, brengt relevante informatie bijeen en maakt waar mogelijk afspraken die binnen de reguliere begeleiding uitvoerbaar zijn. Vakdocenten voeren de afgesproken handelingsadviezen uit voor zover die op hun lessen van toepassing zijn.

Als meer ondersteuning nodig is, verloopt de route in beginsel als volgt:

  • De leerling, ouder of docent bespreekt de ondersteuningsvraag met de mentor.
  • De mentor onderzoekt de vraag samen met de leerling en ouders en stemt af met de betrokken docenten.
  • Als de reguliere begeleiding onvoldoende helpt, bespreekt de mentor de leerling met de afdelingscoördinator of afdelingsleider en zo nodig met een coördinator passend onderwijs.
  • De school formuleert samen met leerling en ouders een doelgerichte aanpak. Zij legt vast wie welke ondersteuning biedt en wanneer het effect wordt geëvalueerd.
  • Bij complexe of langdurige vragen kan de school de leerling bespreken in het ondersteuningsoverleg of JES. Dit is altijd in samenspraak met leerling en ouders.
  • Wanneer de school niet kan voorzien in de ondersteuningsbehoefte, dan onderzoekt zij samen met leerling, ouders en het samenwerkingsverband welke ondersteuning of onderwijsplek passend is.

Ondersteuning wordt niet automatisch ingezet. De school beoordeelt steeds wat nodig, doelmatig en uitvoerbaar is. Bij de start van een ondersteuningstraject spreken we af wanneer we het effect evalueren. Op basis daarvan wordt de ondersteuning voortgezet, aangepast of beëindigd. We verwachten dat de leerling actief deelneemt aan de gemaakte afspraken. Van ouders verwachten we dat zij relevante informatie tijdig delen en meewerken aan overleg en, als dat nodig is, aan externe hulp.



De basisondersteuning in de praktijk



Extra ondersteuningsaanbod van Lyceum Ypenburg

Naast de basisondersteuning kan Lyceum Ypenburg extra ondersteuning inzetten. Na onderzoek en overleg bepaalt de school welke vorm passend is, wie deze uitvoert en hoe lang het traject duurt. De inzet hangt af van de ondersteuningsvraag, de groepssituatie en de beschikbare expertise en capaciteit.







Betrokken specialistische medewerkers en contactpersonen

Afhankelijk van de ondersteuningsvraag kunnen de onderstaande functionarissen worden betrokken. Zij staan in alfabetische volgorde. Niet iedere functionaris begeleidt leerlingen rechtstreeks; sommige functionarissen coördineren, adviseren of verwijzen. De mentor blijft voor leerling en ouders het eerste aanspreekpunt en schakelt deze functionarissen zo nodig via de ondersteuningsroute in.



Particuliere huiswerkbegeleiding

Leerlingen kunnen op school gebruikmaken van huiswerkbegeleiding door ’t Z-je. Dit particuliere instituut verzorgt ’s middags begeleiding in een lokaal van de school. De voorziening maakt geen deel uit van het ondersteuningsaanbod van Lyceum Ypenburg. Ouders sluiten rechtstreeks een overeenkomst met ’t Z-je en betalen de kosten zelf. De school is niet verantwoordelijk voor de inhoud, continuïteit of resultaten van deze dienstverlening. Dit staat los van de mogelijkheid dat de school na onderzoek via de ondersteuningsroute voor een specifieke leerling tijdelijk externe begeleiding bij schoolse vaardigheden inzet en bekostigt.



Extra ondersteuning en het ontwikkelingsperspectief

Als een leerling meer nodig heeft dan de basisondersteuning, kan de school extra ondersteuning inzetten. We leggen dan het doel, de aanpak, de duur, de betrokken medewerkers en het evaluatiemoment vast. Voor leerlingen die extra ondersteuning ontvangen en voor wie dit wettelijk verplicht is, stelt de school een ontwikkelingsperspectief op. Daarin staan onder meer de verwachte uitstroombestemming, de onderbouwing daarvan en de ondersteuning die de school biedt.

De school bespreekt het ontwikkelingsperspectief met de ouders. Bij de eerste vaststelling, de jaarlijkse evaluatie en iedere wijziging krijgt de leerling gelegenheid zijn of haar mening te geven over het onderwijs en de ondersteuning. Heeft de leerling daarbij hulp nodig, dan zorgt de school voor passende ondersteuning. In het ontwikkelingsperspectief leggen we vast wat de leerling heeft ingebracht en hoe daarmee rekening is gehouden.



Samenwerking met externe partners

Als een ondersteuningsvraag de expertise of mogelijkheden van de school overstijgt, kan Lyceum Ypenburg externe partners om advies vragen of met hen samenwerken. Afhankelijk van de vraag gaat het onder meer om Samenwerkingsverband Zuid-Holland West en de aan de school verbonden koppelgenoot, het Centrum Jeugd en Gezin, schoolmaatschappelijk werk, de schoolverpleegkundige, leerplicht, jeugdhulp, het OPDC en het voortgezet speciaal onderwijs. Bij langdurig of zorgelijk verzuim volgt de school het routeboek Verzuim en Thuiszitters Voortgezet Onderwijs. Het doel is herstel van schoolaanwezigheid en een zo ononderbroken mogelijke ontwikkeling. De inzet van externe partners hangt af van hun eigen criteria, capaciteit en wachttijden.

Na overleg en beoordeling kan via Samenwerkingsverband Zuid-Holland West aanvullende ondersteuning beschikbaar komen, bijvoorbeeld:

  • consultatie of advies door deskundigen;
  • een tijdelijk aanvullend arrangement of specialistische begeleiding;
  • ondersteuning vanuit het OPDC of een andere gespecialiseerde voorziening;
  • onderzoek naar plaatsing in het voortgezet speciaal onderwijs als regulier onderwijs geen passend aanbod kan realiseren.

Bespreking en gegevensuitwisseling vinden plaats volgens de privacyregels. Waar toestemming nodig is, vraagt de school die vooraf. Bij een wettelijke meldplicht of ernstig gevaar voor de veiligheid kan de school binnen de wet zonder toestemming handelen.

Wij vinden het belangrijk dat leerlingen zoveel mogelijk onderwijs volgen binnen de reguliere schoolsetting. We kijken daarbij naar wat een leerling nodig heeft om zich te ontwikkelen en succesvol deel te nemen aan het onderwijs. Samen met leerling, ouders en betrokken deskundigen zoeken we naar passende ondersteuning en redelijke aanpassingen, waarbij we rekening houden met de mogelijkheden van de leerling en de school.



Grenzen aan onze ondersteuning

We beoordelen de ondersteuningsmogelijkheden per leerling. Een diagnose is op zichzelf geen reden om een leerling wel of niet toe te laten of te begeleiden. We beoordelen steeds of de ondersteuning die een leerling nodig heeft binnen onze school op een verantwoorde en duurzame manier kan worden geboden. Daarbij mogen het onderwijs en de veiligheid van de leerling, medeleerlingen en medewerkers niet onevenredig onder druk komen te staan.

 

Onze mogelijkheden kunnen ontoereikend zijn als een leerling behoefte heeft aan een of meer van de volgende vormen van ondersteuning:

  • voortdurende individuele begeleiding of permanent toezicht tijdens lessen, pauzes of verplaatsingen;
  • onderwijs in een kleine setting of een grotendeels individueel programma buiten de reguliere lessen;
  • specialistische behandeling, psychiatrische zorg, crisisopvang of intensieve jeugdhulp tijdens schooltijd;
  • persoonlijke verzorging, verpleegkundige zorg of medische handelingen waarvoor de school niet is toegerust;
  • intensieve specialistische ondersteuning bij een zintuiglijke, lichamelijke of verstandelijke beperking die niet met redelijke aanpassingen kan worden georganiseerd;
  • ondersteuning bij gedrag of emotieregulatie waarbij de veiligheid of het leerproces herhaaldelijk en ernstig in gevaar komt, ondanks een planmatige aanpak;
  • een onderwijsprogramma dat wezenlijk afwijkt van het curriculum en de diplomagerichte leerwegen van de school;
  • een combinatie van ondersteuningsvragen die de beschikbare expertise, tijd, ruimte of personele capaciteit van de school structureel overstijgt.

Als we twijfelen of we de benodigde ondersteuning kunnen bieden, onderzoeken we dit zorgvuldig. We gaan in gesprek met de leerling en ouders, vragen zo nodig informatie of advies van deskundigen, hebben contact met de school van herkomst, onderzoeken redelijke aanpassingen en wegen de actuele groeps- en schoolsituatie mee. Bij aanmelding geldt de wettelijke zorgplicht. Kan Lyceum Ypenburg geen passend aanbod realiseren, dan zoeken we samen met ouders en het samenwerkingsverband naar een andere passende onderwijsplek. Voor een ingeschreven leerling komt een overstap eveneens pas na zorgvuldig onderzoek en overleg aan de orde.



Aanmelden met een ondersteuningsbehoefte

Bij de aanmelding delen ouders alle informatie die de school nodig heeft om de ondersteuningsbehoefte van hun kind te beoordelen. Vervolgens onderzoekt de school welke ondersteuning nodig is en of zij die kan bieden. Omdat de behoefte en situatie per leerling verschillen, geeft deze algemene beschrijving geen recht op een specifieke voorziening, begeleider of aantal begeleidingsuren. De school legt individuele ondersteuningsafspraken vast en evalueert deze.

Ouders en leerlingen met vragen over passend onderwijs kunnen behalve bij de school ook onafhankelijk terecht bij het Ouder- en Jeugdsteunpunt voor de regio Den Haag, Rijswijk en Leidschendam-Voorburg: www.ojsp-haaglanden.nl of 070 - 315 63 55.



Inspraak van leerlingen over het ondersteuningsaanbod

Lyceum Ypenburg vraagt jaarlijks alle leerlingen via een digitale vragenlijst naar hun ervaringen met en mening over de basis- en extra ondersteuning. De school analyseert de resultaten en betrekt deze bij de jaarlijkse evaluatie en vaststelling van het ondersteuningsaanbod. In de schoolgids voor het daaropvolgende schooljaar beschrijven we de belangrijkste uitkomsten en welke gevolgen de inbreng van leerlingen heeft gehad voor het ondersteuningsaanbod.